Lebbis – Het ideale terras

http://www.youtube.com/watch?v=SSgyDvnm4wQ

De drie grondbeginselen van een succesvolle organisatie


Waarom slaagt de ene organisatie er maar niet in om een succesvolle organisatie te worden en waarom zijn er altijd weer die zogenaamde witte raven die de dans ontspringen? Wat maakt dat de ene organisatie succesvol is en de ander niet? In dit artikel neem ik u mee in de drie grondbeginselen van een goede organisatie. In goede samenhang versterken ze elkaar en brengen ze uw organisatie in een flow: alle juiste dingen worden op het juiste moment gedaan.

Volgens Paul de Blot, als hoogleraar verbonden aan Nyenrode, zijn er drie grondbeginselen nodig voor een organisatie waarin alles lijkt te lukken: vakmanschap, samenwerking en verdieping. Tezamen zorgen zij voor een organisatie die in een flow terecht komt en het ene succes na het andere succes boekt. Deze grondbeginselen verdienen enige uitdieping zodat u als ondernemer/directeur er uw voordeel mee kunt doen.

Vakmanschap
Begint goed werk leveren niet altijd met vakmanschap? Je moet weten wat je doet, zonder kennis en kunde geen goede producten en diensten. Als vakman munt je uit in wat je doet, je bereikt de hoogste kwaliteit die denkbaar is.  Dit vraagt om levenslang leren, je vraagt jezelf als vakman elke dag af of het beter kan en je zet je daarvoor elke dag weer maximaal in. Als je als vakman plezier in je werk hebt, is dit geen grote opgave. Maar als je niet de bezieling hebt om dit te doen, dan kan dit heel vermoeiend zijn. Als ondernemer/directeur geeft u uw medewerkers de gelegenheid om te groeien. Het verhoogt niet alleen de deskundigheid, maar ook de loyaliteit aan een organisatie.

Deskundig zijn voor het uitoefenen van een vak is situatiegebonden en daarmee is het ook een kwestie van aanpassingsvermogen en van kennen en toepassen van de spelregels van het spel. Sociale vaardigheden behoren wezenlijk tot de vakkundigheid.

Samenwerking
De tweede pijler is samenwerking. Als hier zand in de raderen komt, draait het hele bedrijf beneden zijn kunnen. Slechte verhoudingen, onderlinge irritaties of een ongezonde competitie kunnen een team verzieken. Als de sfeer daarentegen goed is, dan is een team tot veel in staat. Zo wordt samenwerking de kurk waar een organisatie op drijft. Hoe komt die samenwerking tot stand? Door een sterke geestelijke band! Samen weet je meer dan alleen en bovendien komt kruisbestuiving tot stand. Je kunt elkaar enthousiasmeren en dat werkt weer aanstekelijk op anderen. Als je samenwerkt kun je dingen bereiken die je in je eentje niet had kunnen bereiken.

Verdieping
Naast aandacht voor je vak is ook aandacht voor jezelf een must. Ondanks dat het begrip spiritualiteit nog regelmatig voor gefronste wenkbrauwen zorgt, is dit wel de basis voor de verdieping. Hoe kun je je diepste verlangens op het spoor komen als je niet bij jezelf naar binnen kunt kijken en contact maakt met je innerlijke kern. Is het feit dat veel bedrijven niet weten welke kant ze op moeten, misschien daaraan te wijten? Dat ze eigenlijk niet meer weten wat eigenlijk hun droom en ideaal is. De droom die veel ondernemers hadden bij het starten van hun eigen bedrijf is het vertrekpunt, het geeft de richting aan en is daarmee onmisbaar voor een (spirituele) organisatie.

Wisselwerking
Bij een gezonde organisatie is er sprake van een vruchtbare wisselwerking tussen de drie grondbeginselen. Te veel of te weinig van het een of het ander kan een onderneming doen mislukken. Een voorbeeld hiervan is de hulpverlening rondom de tsunami. Iedereen kwam in actie om de getroffenen te helpen. Er was sprake van veel medeleven en idealisme, maar het ontbrak helaas vaak aan samenwerking. Het komt vaker voor dat organisaties hoog scoren op idealisme, maar veel lager op deskundigheid en samenwerking en dan is het moeilijk iets van de grond te tillen.

Flow
Soms kom je ze tegen, mensen of organisaties die alles wat ze aanraken in goud weten te veranderen. Een duidelijk geval van flow. De innerlijke gesteldheid die hiervoor nodig is, is door iedereen aan te leren. In Nederland zijn wij sterk in het afhakken van koppen als ze boven het maaiveld uitsteken. Dus aantrekkelijk is het in eerste hand misschien niet.

Er is sprake van flow als je de juiste dingen doet op de juiste momenten. Het is een mentale toestand waarin iemand volledig opgaat in zijn bezigheden. Kenmerkend is grote concentratie en visionaire doelgerichtheid. Degene die de activiteit doet is volledig geconcentreerd op het einddoel en heeft er vertrouwen in dat hij dat doel ook zal bereiken. Die instelling genereert door het contact met het zijnsniveau energie en zorgt ervoor dat dingen gaan stromen, waardoor het beoogde einddoel dichterbij kan komen.

In een werkelijkheid die gekenmerkt wordt door chaos, is het soms lastig de juiste weg te vinden of de juiste keuze te maken. Hoe weet je nu welke weg je moet nemen? Voor elk doel zijn meerdere oplossingen te bedenken. Houd scherp je uiteindelijke doel voor ogen en handel vooral in vertrouwen. Vertrouw erop dat je de juiste keuzes maakt en dat je met de energie die je op dat moment uitstraalt je doel steeds dichter bij komt. Heb de overtuiging dat je weet wat je doet, geloof daar rotsvast in. Alleen degenen die het doel niet meer scherp hebben en daardoor niet vanuit hun diepste overtuiging en verlangen de beslissingen nemen die ze nemen, zullen de grootste moeite hebben met het maken van de juiste keuzes.

Benno Rijpkema
Rijpkema Advies Groep

Dit artikel is gebaseerd op eigen ervaringen uit de adviespraktijk van Rijpkema Advies Groep in combinatie met het boek Business Spiritualiteit van Paul de Blot, hoogleraar Business spiritualiteit aan de universiteit van Neyenrode.

Waartoe kunnen dromen leiden?

Dromen… De een gaat direct overeind staan en is alert, de ander doet het af als zweverig: “Blijf met beide voeten op de grond staan!” En toch dromen wij allemaal. Dromen is vooral een activiteit van onze rechter hersenhelft, het creatieve deel van ons brein. En dat vinden wij Westerlingen maar een moeilijk onderdeel want ja, het moet wel logisch zijn. In dit artikel wil ik u meenemen in wat dromen voor u kunnen doen, zodat u hopelijk geïnspireerd raakt om vooral weer te gaan dromen.

In een discussie die ik onlangs met iemand had, werden dromen uitgemaakt voor zweverig. “Waarom noem je het geen doelstellingen?” Ik snap de achtergrond van deze opmerking, ze komt vooral voort uit de linker hersenhelft (logisch redeneren) en wordt gevoed door de maatschappij waarin wij leven: we moeten alles logisch kunnen verklaren. Alsof we binair kunnen denken in nullen en enen.

Voor mij werkt de term doelstelling niet: het geeft mij een gevoel van moeten en als ik iets moet, wordt dat vaak opgelegd door een ander en/of door een hogere moraal. Dromen staan voor mij voor de ultieme verlangens die in mij zitten. Vanuit die verlangens heb ik de intrinsieke wil om ze te bereiken en bewust of onbewust neem ik de stappen om die dromen te gaan realiseren. Het verschil tussen moeten en willen is een wereld van verschil. Ik neem nu dus ook bewust de tijd om mijn dromen helder te krijgen en als ze opkomen noteer ik ze in een boekje dat ik hiervoor speciaal heb laten maken. Ook middenin de nacht…

In verandermanagement is het verschil tussen moeten en willen allang geen discussie meer. Mensen kunnen en willen wel veranderen, maar niet verandert worden. Dit betekent dat de intrinsieke wil aangeboord moet worden bij mensen om een verandering tot stand te brengen. Mensen moeten zelfstandig de keuze maken om de verandering door te gaan. De wil ontstaat doordat de verandering en de doelstelling van de verandering aanhaakt bij de eigen dromen, normen en waarden. Dit is ook waarom er over veranderingen voldoende gecommuniceerd moet worden en waarom er zo’n breed mogelijk draagvlak moet zijn.

Dromen zijn uiteindelijk de basis van ons handelen. Hoever wij durven te dromen, hangt af van onze opvattingen, overtuigingen, normen en waarden. In onze Calvinistische maatschappij zeggen wij al snel: ‘wel met beide voeten op de grond blijven staan, houd het realistisch.’

Ik stimuleer mensen om voorbij deze grens te gaan en om onbekommerd en zonder enige restrictie te dromen. Maar wel zodanig dat je het gevoel blijft houden dat je het kunt bereiken. Want als je zelf niet meer gelooft in je dromen, wie doet dat dan nog wel?

Dromen geven je de inspiratie en energie om die dingen te gaan doen om je dromen uit te laten komen. Bewust en onbewust. De dingen die je doet om je dromen uit te laten komen geven energie in plaats van dat ze energie kosten. U heeft vast wel eens van die dagen dat u vol energie ‘s avonds thuis komt. Waarschijnlijk heeft u die dag ‘hard’ gewerkt om weer een stapje dichter bij uw dromen te komen. Uw eigen energieniveau is dan ook een spiegel voor uzelf. Bent u moe? Dan bent u de dingen aan het doen omdat het moet. Bent u energiek? Dan bent u de dingen aan het doen om uw dromen uit te laten komen.

Een laatste paar tips:

  1. maak uw dromen zo concreet mogelijk met alles erop en eraan.
  2. Droom niet je leven, maar leef je dromen. Het ergste wat je kunt overkomen is dat je dromen uitkomen, dus wat heb je te verliezen?
  3. Geniet ook van de reis ernaartoe, want bezit is het einde van het verlangen.
  4. Zorg er voor dat je blijft dromen, en dat je je grenzen op tijd verzet, zodat je altijd ultieme verlangens blijft houden.

Ik wens u vreselijk veel mooie dromen toe en een geweldig leven!

Benno Rijpkema
Coach en trainer

Verdienmodel assurantie tussenpersonen op de schop

Het verdienmodel voor tussenpersonen in de assurantiën staat op het punt volledig op zijn kop te gaan. Waren voorheen de provisies van verkochte verzekeringen en hypotheken een gegarandeerde jaarlijks terugkerende inkomstenstroom, binnenkort verdwijnt deze geldstroom. Dit dwingt de tussenpersonen hard na te denken waarmee zij hun geld kunnen blijven verdienen. Met andere woorden: welke meerwaarde biedt een assurantie tussenpersoon aan de klant én de verzekeringsmaatschappij en hoe kan deze te gelde gemaakte worden?

Het verdienmodel zoals dat lange tijd heeft gefunctioneerd, gaat op de helling. De vaste (jaarlijkse) provisiestroom verdwijnt grotendeels en daarmee de bron van inkomsten waar de tussenpersoon van moet leven. Betekent dit het einde van de tussenpersoon en wordt het geheel overgenomen door het internet? Of weten de tussenpersonen een antwoord te formuleren waarmee zij blijvend van meerwaarde zijn en op basis hiervan hun bestaansrecht veilig stellen.

Al snel wordt gedacht aan het ‘uurtje-factuurtje’ model: wij werken wat uit voor de klant en de klant betaalt hiervoor het aantal uren. Voor klanten die veelvuldig te maken hebben met zaken, wordt het zo een dure aangelegenheid. Of toch niet? Is de verzekering dan nog lonend? Of kan de klant dan beter zonder verzekering af?

De oorspronkelijke gedachte achter een verzekering is je te behoeden voor zaken die mogelijkerwijs in de toekomst zouden kunnen gebeuren. Het is vooral op angst gebaseerd. Als dit….., dan dat……! En angst is wat een mens graag vermijdt. Maar doet hij dit ten koste van alles. Waar ligt de grens om alle angsten in te dekken?

De kunst is om als tussenpersoon nú alvast na te denken over de (nabije) toekomst. Welk antwoord gaan wij formuleren op deze ontwikkeling? Hoe maak ik mijn meerwaarde voor de klant en de verzekeringsmaatschappij helder zodanig dat de klant de factuur achteraf accepteert?

Als u van plan bent om dit nog even voor u uit te schuiven, loopt u grote kans te laat in te spelen op deze verandering, met alle gevolgen voor het voortbestaan van uw onderneming. Daarom, geloof in uw toegevoegde waarde en maak deze helder. Zorg ervoor dat uw beide klantgroepen uw meerwaarde ook toekennen, zodat zij met plezier uw facturen betalen.

Wat kunnen wij u bieden als ondersteuning?

Rijpkema Advies Groep heeft al diverse assurantie tussenpersonen bijgestaan om een antwoord te formuleren op deze ontwikkeling. Onze begeleiding beperkt zich vaak niet alleen tot het strategische vraagstuk, het blijkt ook een vraagstuk om de medewerkers te begeleiden in de praktijk: aan de telefoon (binnendienst) en aan tafel bij de klant.

  1. Hoe manage je de verwachtingen goed?
  2. Wat breng je als adviseur mee naast je vakkennis?
  3. Hoe breng je dat naar voren?
  4. En hoe zorg je ervoor dat jij als adviseur onderscheid van de concurrentie en daardoor de opdracht gegund krijgt?

Het is onze passie om samen met u en uw medewerkers te werken aan uw succes: een tevreden klant die ervoor zorgt dat uw onderneming continueert en liever nog; kan doorgroeien.

Wilt u weten wat wij voor u kunnen betekenen, neem dan vrijblijvend contact op met
Benno Rijpkema, eigenaar van Rijpkema Advies Groep, via telefoonnummer (06) 51311019 of per mail bennorijpkema@ragroep.nl.

Wij komen dan geheel vrijblijvend langs voor een eerste verkennend gesprek.

Visualisatie een wondermiddel?

Visualiseren van je toekomst wordt een steeds normaler begrip in het zakenleven. Is dit het nieuwe wondermiddel om succesvol te worden, of moeten we ons vasthouden aan de bekende wetmatigheden van ‘1+1=2’? Ik weet niet of u al zover bent dat u al visualiseert, maar ik wel in ieder geval. En met succes!

In 2009 en 2010 heb ik vele topondernemers geïnterviewd voor een onderzoek. Kenmerkend voor de periode was dat de interviews plaats vonden in de tijd dat de economische crises in alle hevigheid was losgebarsten. De topondernemers hadden dan ook alle reden gehad om hierover te beginnen als excuus dat het nu misschien iets moeilijker ging dan voorheen. Maar geen van de ondernemers heeft een woord gezegd over deze crises. Waar wel veel over gesproken werd, is het toekomstbeeld dat zij hadden (en hebben) over hun onderneming: waar staan zij over een paar jaar en hoe ziet dat er dan uit.

De wijze waarop zij dit beeld konden schetsen was dermate nauwkeurig dat het beeld zelfs voor mij als interviewer een levensecht beeld werd. Tot in detail, voor zover ze die met mij wilden delen.

Er zijn al boeken volgeschreven over wat het met je doet als je jouw doelstellingen voor jezelf opschrijft. Zonder er verder over na te denken programmeer je die doelstellingen door het opschrijven in je onderbewustzijn, met als resultaat dat je na verloop van tijd die doelstellingen behaald hebt.

Het klinkt bijna te eenvoudig, even je doelstellingen opschrijven en ze dan halen. Als het zo eenvoudig was, kan iedereen dat toch doen?
Mijn antwoord: ja, iedereen kan dat! Hoe werkt dat dan, wat gebeurt er dan? Zonder uitgebreid de psychologie in te duiken wil ik u in vogelvlucht meenemen wat er in uw hoofd gebeurt bij visualisatie van uw toekomst en wat u hiermee kunt doen.

Een toekomst in het hier en nu
Visualisatie van je toekomst is het meest effectief als u het beeld van de toekomst zodanig visualiseert alsof u het nu al gerealiseerd hebt, inclusief alle gevoelens die daarbij horen. Als voorbeeld: termen als ‘ik wil rijk worden’ werken niet. Een zin als ‘ik ben rijk’ werkt wel. Uw onderbewustzijn doet niet aan wensbeelden, wel aan realiteit. Door het in tegenwoordige tijd neer te zetten, misleidt u als het ware uw onderbewustzijn. U bent op dat moment uw zogenaamde blueprint, zeg maar de harde schijf van uw brein, aan het herprogrammeren. In plaats van het inkomen en/of de schulden die u nu heeft, programmeert u uw blueprint als ‘ik ben rijk’.

Niet voor niets bestaat het cliché ‘let op je gedachten, ze vormen het begin van je daden’. Als u denkt vanuit uw huidige zorgen, zullen de acties gericht zijn op het voorkomen van schulden of het wegwerken van die schulden. Dit zijn negatief geaarde acties en worden ook wel gemotiveerde acties genoemd. Door de motivatie van het voorkomen van schulden, onderneemt u de actie die u op dat moment bedenkt; ter voorkoming van verdere ellende…

Als u denkt vanuit uw visualisatie (= wensbeeld in het hier en nu geformuleerd) zult u acties ondernemen die u nog rijker gaan maken. U gaat kansen zien en grijpen, u presenteert uzelf op een andere wijze in de maatschappij (van een zorgelijk gezicht naar een gezicht vol zelfvertrouwen) en u gaat daadwerkelijk de acties ondernemen die u helpen om nog rijker te worden dan u nu al bent. Niet die acties ter voorkoming van, maar die acties die u verder brengen. Acties die zo maar ineens in uw hoofd ontstaan. Deze acties zijn positief geaarde acties en worden geïnspireerde acties genoemd.

Negatieve en positieve energie
Bent u bekend met de wet van de zwaartekracht? Ja? Ik hoop het, want het houdt u elke dag weer met de voeten op de aarde. Zonder deze kracht zweeft u ergens door het heelal. Net zoals de zwaartekracht altijd werkt, werkt het verzenden van energie tussen cellen ook altijd. Dat zenden van energie werkt net als een radio. Een signaal wordt verzonden en onze radio’s ontvangen dat signaal en geven de muziek weer via de luidsprekers. Niet zichtbaar, wel hoorbaar.

Alles wat u om u heen ziet, bestaat uit cellen. De bomen, de tafel waaraan u zit, zelfs de computer die u voor u ziet staan. Als we dieper inzoomen op de cellen, zit daar de atomaire kern van de cel. En daarin ligt het dna van die cel opgeslagen. Zo’n cel zendt en ontvangt energiegolven. Kijk maar eens op internet en zoek wat energie allemaal kan doen (google op de Japanse dr.  Masaru Emoto).

Als mens zenden en ontvangen we dus ook energie; Negatieve energie is een zware en laag frequente trilling (bovenste afbeelding).
Positieve energie is een lichte en hoog frequente trilling (onderste afbeelding). De trilling die u en ik altijd uitzenden, omdat we geen aan- en uitschakelaar hebben, ontvangen andere mensen.

Wanneer u zich laat leiden door de negatieve gedachten en de daarmee gepaard gaande negatief geaarde acties, weet u wel welke energie u op dat moment uitzendt. En in tegenstelling tot de negatieve gedachten, werkt het met de positieve gedachten dus net andersom. U zendt positieve energie uit.

En nu komt het allerbelangrijkste: negatieve energie trekt negatieve energie aan. Als u dit weet, snapt u ook waarom de wet van Murphy zo goed werkt: als iets mis gaat, gaat alles mis. De negatieve tendens (energie) trekt andere negativiteit aan, en zo gaat de sneeuwbal van negativiteit rollen.

En als dat zo werkt bij negatieve energie, werkt dat dus ook andersom: positieve energie trekt positieve energie aan. Nu u dit weet, en u weet welke acties leiden tot positieve energie – geïnspireerde acties – en u weet hoe u tot die positieve acties – visualisatie van je positieve toekomst – komt, dan is het uiteindelijk heel eenvoudig om die resultaten te behalen die u altijd al wilden hebben.

Uw handleiding
Om nu te komen tot het (bijna) continu uitzenden van positieve energie, is het dus zaak om aan uw overtuigingen te gaan werken. Want uw overtuigingen, die al van jongs af aan bij u zijn ingeprent door uw ouders, uw leraren, uw omgeving, et cetera bepalen hoe u kijkt naar de wereld om u heen. En overtuigingen werken zo dat ze continu bevestigd worden. Ze bepalen uw focus op de wereld.

Voorbeeld: Ooit wel eens een nieuwe (of andere) auto aangeschaft? Voorheen zag u het model bijna nooit rijden, en ineens ziet u het model veel vaker rijden. Uw focus ligt nu op het nieuwe model en ineens ziet u ze rijden. Voorheen lag uw focus daar niet en was u ook niet alert op het feit dat ze al rondreden.

Nu terug naar de handleiding; om te komen tot het uitzenden van positieve energie moet u aan de slag met het herprogrammeren van uw overtuigingen. Van beperkende overtuigingen met negatieve energie tot gevolg naar dienende overtuigingen met positieve energie tot gevolg. We starten met het opschrijven van uw toekomstbeeld. Door dat beeld tot in alle facetten zo nauwkeurig mogelijk te omschrijven, ontstaat al snel bij het gevoel van ‘wow, wat een mooi leven!’. Een duidelijke positieve energie is het gevolg. Wat u met het opschrijven hebt gedaan, is uw visualisatie vorm geven. Deze visualisatie herhaalt u dagelijks meerdere keren als een film in uw hoofd, met alle positieve gevoelens die daarbij horen. Als u rijk wilt worden, ziet u in uw film uw bankrekening groeien naar exorbitante hoogtes. En daar bent u intens dankbaar voor. Als u een evenement gaat organiseren, ziet u de deelnemers al applaudisseren omdat het evenement zo succesvol is. En ook hier bent u intens dankbaar voor.

En dan?
Nu u elke dag uw overtuigingen hebt geherprogrammeerd, zult u merken dat mensen u anders gaan benaderen en dat succes als vanzelf naar u toe komt. Aan het einde van de dag merkt u dat u nog energie over hebt in plaats van moe op de bank neer te ploffen. U komt in een flow terecht, een uitermate positieve energie flow die aanstekelijk werkt op andere mensen om u heen.

Het is de kunst om altijd de positieve kant te blijven zien van zaken die u ‘overkomen’. Als u leeft vanuit dankbaarheid voor alles wat u overkomt, zorgt er voor dat u altijd in de positieve energie blijft zitten en dat dat u dus altijd positieve energie blijft uitzenden.

Ik heb nog enige schroom om zoveel te willen…
Wat u kan weerhouden om zoveel te willen hebben of te zijn, is de Hollandse aard. Onze lijfspreuk ‘doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg‘ zal velen van ons dit artikel terzijde laten leggen. En als u dat nu van plan bent, wil ik u graag uitnodigen de laatste paragraaf uit te lezen.

Deze lijfspreuk is een overtuiging. Helpt die overtuiging ons? Of werkt die eerder belemmerend? Aan u de eer om die vraag te beantwoorden. Ook door gewoon te doen, kan ik in mijn positieve energie blijven en daardoor bereiken wat ik wil. Juist, vanuit dankbaarheid en vol respect voor mijn medemens.

Ik wens u veel positieve energie toe en alle resultaten die u graag wilt bereiken. Ik gun het u met alle liefde!

  • Geld is een resultaat…
  • Succes is een resultaat…
  • Armoede is een resultaat…
  • Tekort is een resultaat…

Benno Rijpkema
Coach, trainer en adviseur
Auteur van het boek Succesvol Ondernemen

De excellente basisschool

Wat is een excellente basisschool? Vraag 100 directeuren van een school en je krijgt evenzoveel verschillende antwoorden. Moet je dan je processen perfect beheersen, stappenplannen hebben gemaakt en alle protocollen werkend hebben? En moeten de leerlingen de perfecte score hebben behaald (boven het landelijk gemiddelde) op de Cito toetsen? Is dat excellent? Ik krijg vanuit mijn ervaringen wel de idee dat de Onderwijsinspectie op deze manier kijkt naar het basisonderwijs. In mijn ogen een gemiste kans…

Als voorzitter van een medezeggenschapsraad ben ik betrokken bij de basisschool van mijn kinderen. Als adviseur, trainer en coach heb ik de eer om basisscholen, directeuren en leerkrachten te mogen begeleiden tijdens hun weg naar succes. Vanuit verschillende rollen heb ik daarmee een beeld kunnen vormen van het huidige onderwijssysteem. Wat mij opvalt is dat nagenoeg alle scholen een ontwikkeling doorgaan van passie naar angst. Wat voorheen gestart is met passie voor het vak van leerkracht, slaat om naar angst voor de ‘boze’ onderwijsinspectie. Je zult als school maar eens in de gevarenzone komen… Dan staat de inspectie op de stoep en kun je aan de bak.

Angst regeert
Angst voor de Onderwijsinspectie leidt tot een focus op alles wat mis kan gaan. Directeuren timmeren met uitgebreide plannen en stapels papier alle spontaniteit uit de school en de leerkracht. Alles onder het mom van “het moet van de Inspectie”.

Waar kinderen zo vatbaar voor zijn – spontaniteit – verdwijnt daarmee uit de school en daarmee ook het pure plezier dat een kind uit kan stralen. Kinderen hebben nog weinig last van beperkende overtuigingen en daardoor zijn zij in staat om zonder beperkingen intens te genieten. Met het huidige onderwijssysteem wordt daar hard een einde aan gemaakt. De lesmethoden zijn gestoeld op ‘moeten’ in plaats van ‘willen’. Tijdens observaties in de klaslokalen hoor ik leerkrachten letterlijk en met grote regelmaat het woord “moeten” gebruiken. De focus ligt niet op de kracht van het kind, daar waar ze hoog scoren, maar op de zwaktes van het kind. Een 8 is hoog genoeg, en die 4 moet minimaal een 6 worden. Alle energie wordt gestoken in het omhoog halen van de 4 en daarmee komt de aandacht voor de kracht van het kind stil te vallen.

Wie mijn boek “Succesvol ondernemen” heeft gelezen, weet wat er gebeurt als je focust op angst. Daar waar je energie naartoe gaat, trek je als een magneet naar je toe. Kent u de Wet van Murphy? Als er iets fout gaat, gaat alles fout: ELLENDE. De focus op de zwaktes van het kind passen naadloos in deze focus. Niet alleen ontneem je het kind zijn plezier, je ontneemt zelfs de lol dat het kind heeft voor zijn sterktes.

Leerkrachten en directies zijn niet meer bezig om het kind in zijn kracht te krijgen, maar om de processen en protocollen dicht te timmeren. Het lijkt wel of het kind op het tweede plan is komen te staan. We ‘moeten’ de lessen afdraaien en managen de klas om aan het einde van het jaar alles af te hebben. Want o wee…..

In groep 8 worden de Cito-toetsen van voorgaande jaren uit de kast gehaald en alles wordt op alles gezet om de kinderen zo goed mogelijk voor te breiden op een zo hoog mogelijke Cito-score. Want o wee…..

Hoe dan wel?
Focus op positieve zaken leidt tot het aantrekken van positieve zaken. Als we focus op de angst nu eens kunnen keren naar de focus op een prachtig kind ‘afleveren’ aan de middelbare school, zou dat niet mooi zijn? Een prachtig kind dat zichzelf kent, dat weet waar hij goed in is en waar hij voor staat, dat sociaal vaardig is, dat weet waar hij blij van wordt en dat vanuit zichzelf snapt waarom hij aan het leren is. Zou dat niet geweldig zijn?

Net zoals in het bedrijfsleven is het van belang dat de directie van een school beseft dat het beter vanuit zijn kracht kan opereren dan vanuit het wegpoetsen van de zwaktes. Door dit in houding en gedrag uit te stralen en daarnaar te handelen, nemen leerkrachten dit over. Ze krijgen het vertrouwen van de directie dat zij als vakmensen weten wat zij doen. Zij worden aangesproken op hun kracht en ingezet daar waar hun kracht het beste tot uiting komt. En voelt u hem al aankomen? Als leerkrachten het gaan overnemen van de directie, wat zouden de kinderen dan doen als zij het de leerkrachten zien doen? Juist, zij gaan zich ontwikkelen in hun kracht. Naar school gaan verandert van ‘moeten’ naar ‘willen’, ze voelen zich gewaardeerd en krijgen het broodnodige vertrouwen om zich volop te kunnen ontwikkelen als mens.

Het mooie van dit alles is dat kinderen die uitmunten in hun kracht, vanuit henzelf de zwaktes gaan ‘willen’ opwerken. Door het vertrouwen in hunzelf – hun zelfvertrouwen – durven zij uit hun veilige haven (comfort zone) te stappen en dingen te gaan leren waarvan ze zelf niet eens wisten dat ze het konden. Ze beseffen dat de veilige omgeving van school hun helpt om dingen uit te proberen.

Ik zeg niet dat we gelijk het hele Cito-systeem overboord moeten gooien, ik zeg wel dat we de belangrijkheid verminderen. Een Cito-systeem heeft absoluut voordelen: om te kijken waar het kind in is gegroeid. Waar heeft hij zich ontwikkeld? Om daar de complimenten voor uit te delen.

Tot slot
Ik besef mij terdege dat ik voor dit artikel zeer generaliserend te werk ben gegaan. Ik zie gelukkig zo nu en dan ook pareltjes tussen al het Cito-geweld. Leerkrachten die de kinderen weten te inspireren om het beste uit henzelf te halen. Hoe herkent u ze? Let maar eens op waar kinderen een grote spanningsboog hebben en vol aandacht luisteren naar wat de leerkracht hun vertelt. Daar zit de inspiratie. En daar kan ik intens van genieten.

Zou het niet mooi zijn als we ons onderwijssysteem kunnen inrichten op de sterktes van het kind? Ik teken er voor!

Aardbeienmanagement

We poetsen wat af met ons allen. Menig resultaat wordt opgepoetst om goede sier te maken. De aandeelhouder wordt zand in de ogen gestrooid met opgesmukte kwartaalcijfers, wijzelf poetsen onze eigen resultaten op voor behoud van image en baan en we sturen medewerkers onvoldoende aan om echte verbeteringen van de resultaten te boeken. In dit artikel neem ik u mee om het morgen anders te gaan doen, wezenlijk anders. Ik gebruik hiervoor de metafoor van het aardbeienplantje.

Menig manager heeft zich er wel eens schuldig aan gemaakt: het oppoetsen van de resultaten om goede sier te kunnen maken. Goede sier naar hun leidinggevende, naar collega’s en naar medewerkers. Ook menig persoon doet dit met grote regelmaat: het oppoetsen van de resultaten. Op zich een begrijpelijk fenomeen, maar er wordt uiteindelijk niet echt iets beter… Wat te doen om echt betere resultaten te gaan boeken, op welk vlak dan ook? Waar begin je en waar eindig je. De metafoor van het aardbeienplantje helpt u hierbij.

Van zaadje naar heerlijke aardbeien
De metafoor is als volgt: u heeft zin in heerlijke dikke, rode en sappige aardbeien. Echte mooie zomerkoninkjes. Wat doet u dan? En dan natuurlijk zonder naar de winkel te gaan om een bakje aardbeien te halen.

We zorgen er eerst voor dat we een zaadje krijgen van de aardbeienplant. Vervolgens plant u het zaadje op een mooi stekje in de grond. U zorgt ervoor dat de grond mooi los is, dat er voldoende voeding is voor het plantje en dat u het van tijd tot tijd aandacht, voeding en water geeft. Net zolang tot u heerlijke dikke, sappige en rode aardbeien heeft.

Het lukt mij niet om mooie aardbeien te krijgen!
Stel, uw aardbeienplantje doet het niet zoals het zou moeten. Er komen geen aardbeien aan, ze zijn te klein, of misschien wel beschimmeld. Kortom, de resultaten van uw plantje vallen vies tegen. Wat is er mis gegaan? Heeft u voldoende aandacht geschonken aan het plantje? Heeft u van tijd tot tijd gekeken of alles goed ging? Staat het plantje nog op de goede plek en is de grond nog wel goed bemest? Heeft het plantje voldoende water gehad? Is de boom op de achtergrond intussen zo gegroeid dat het plantje inmiddels in de schaduw staat? Kortom, u gaat op onderzoek uit waarom het plantje niet zo groeit zoals het zou moeten gaan.

Misschien is het u al opgevallen, alle zaken die ertoe doen hebben uiteindelijk effect op de wortels van het plantje. U zult bij de wortels van het plantje moeten zijn om de resultaten te gaan boeken die u wilt bereiken. Het kleine aardbeitje dat er misschien al aan zit een keer oppoetsen heeft geen zin, daar wordt de aardbei niet groter van. Houd uzelf dus niet voor de gek, een kleine aardbei blijft een kleine aardbei.

Leuk zo’n metafoor, maar wat kan ik er mee?
De wortels van het aardbeienplantje staan synoniem voor uw gedachten en overtuigingen. De aardbeien staan synoniem voor de resultaten die u bereikt. Als uw resultaten u niet bevallen, dan is het dus zaak om kritisch te kijken naar de eigen denkbeelden en overtuigingen: geef ik de juiste voeding om wel de juiste resultaten te bereiken? Welke denkbeelden en overtuigingen werken mij tegen om wel het succes te bereiken dat ik wil bereiken? Om dit iets meer beeld te geven twee situaties die ik met regelmaat tegenkom in mijn advieswerk: de manager die vindt dat zijn medewerkers niet goed functioneren en de verkoper die te weinig verkoopt.

De manager en zijn medewerkers
Manager John loopt er al regelmatig tegenaan dat zijn medewerkers niet functioneren. Zij luisteren slecht, werken te langzaam en de kwaliteit van hun werk is laag. John heeft al regelmatig de medewerkers luid en duidelijk aangesproken op hun houding en gedrag, maar het levert tot op heden niks op. Na het aanhoren van de aardbeienmetafoor bedenkt John zich dat hij zich niet heeft afgevraagd wat de medewerkers nodig hebben (zijn plantjes) om wel de juiste resultaten te boeken. Na enkele gesprekken met de medewerkers ontdekt John dat de eerste medewerker meer gestimuleerd wil worden met meer verantwoordelijkheid. John heeft deze medewerker altijd kort gehouden omdat hij veronderstelde dat hij dit niet kon. De tweede medewerker geeft aan dat de sfeer op de afdeling slecht is door het gefoeter van John en dat hij veel beter zou presteren als er meer een ‘wij-gevoel’ zou zijn. John besluit, omdat er meerdere medewerkers met dit signaal kwamen, om aan teambuilding te gaan doen. Zo spreekt John iedere medewerker en kijkt wie wat nodig heeft om goed te functioneren. Het resultaat mag er wezen. De resultaten gaan omhoog en de kwaliteit neemt toe. Medewerkers beginnen elkaar aan te spreken op hun houding en gedrag. John kan nu veel meer focussen op de langere termijn wat de medewerkers ook nog eens extra energie geeft omdat deze langere termijn ook over zingeving van het werk gaat: waartoe zijn we op aarde…

John heeft beseft dat zijn manier van sturen, gebaseerd op zijn eigen denkbeelden over goed management, hij in de valkuil is gestapt. Een valkuil die maar al te veel managers nog dagelijks instappen.

De verkoper die te weinig verkoopt
Kees is verkoper bij een MKB onderneming. Kees loopt er steeds vaker tegenaan dat hij het werk niet goed verkocht krijgt. En als hij wat verkoopt is het tegen zulke scherpe tarieven dat er geen of weinig winst op zit. En het meest vervelende is dat een andere verkoper gewoon nog van alles aan het verkopen is. Kees vraagt zich af wat hij fout doet. De economie zit tegen, we hebben veel concurrentie en alle klanten willen onderhandelen over de prijs. Kees raakt er door ontmoedigd en heeft er eigenlijk geen zin meer in op deze manier. Na een wandeling met een coach begint Kees het te snappen. Doordat hij telkens denkt dat het toch niet wil lukken, straalt hij dit uit. Op zijn gezicht is af te lezen dat het hem niet meevalt om elke dag weer uit zijn bed te komen en de energie die Kees op de klanten afstraalt is negatief. De relaties die Kees vroeger op had gebouwd, begonnen hem nu allemaal uit te knijpen om zo goedkoop mogelijk in te kunnen kopen. Kees zijn negatieve houding hielp de relaties om zeep. Kees snapte nu wat hij fout deed: zijn wortels waren aangetast door zijn negatieve denkbeelden. Door hier weer positieve energie aan te geven werd zijn gemoed beter. Hij visualiseerde, voordat hij naar binnen liep bij de klant, dat hij de klant een hand gaf om de order te sluiten tegen een mooi rendement. Hierdoor kreeg Kees de juiste houding, vol vertrouwen, en dat straalde weer af op de klant. En het resultaat: de omzet steeg weer en de relaties die hij had omdat Kees altijd zo’n opgewekte kerel was, kregen weer inhoud. De klanten van Kees begonnen het kees weer te gunnen.

Tot slot
Beide voorbeelden zijn praktijkvoorbeelden uit mijn eigen adviespraktijk. De namen zijn gefingeerd, de casussen zijn echt. In beide gevallen heb ik als coach en adviseur de personen echt mogen helpen. Helpen om weer in hun kracht te komen en van daaruit datgene te behalen wat zij zichzelf als doel hadden gesteld.

Als u er tegenaan loopt dat uw resultaten niet zo zijn als u wilt dat ze zijn, denk dan eerst eens aan de aardbeienplant. Wat moet u doen om wel de resultaten te gaan boeken die u voor ogen hebt? Het zijn vaak uw eigen denkbeelden en overtuigingen die u weerhouden de resultaten te boeken die u altijd al wilde hebben.

Onlangs zag ik de volgende spreuk voorbij komen die ik u zeker als slot niet wil onthouden:

“Een probleem wordt opgelost door iemand,
die niet weet dat het een probleem is.” 

Veel succes met het bereiken van uw aardbeien.

Benno Rijpkema
RA Groep

Benno Rijpkema is eigenaar van Rijpkema Advies Groep uit Heerenveen. Hij begeleidt als coach, trainer en adviseur organisaties en individuen om vanuit eigen kracht succesvol te worden. Vanuit de gedachte “bezit is het einde van het verlangen” zorgt hij ervoor dat hij samen met zijn opdrachtgevers geniet van de reis naar en het bereiken van het einddoel.